Een halve eeuw (en gelukkig nog steeds een beetje weird) | Raymond

Ik ben vandaag een halve eeuw. In die halve eeuw heb ik met enige regelmaat andere planeten bezocht. Een aantal jaren was er zelfs sprake van een structureel bezoek. Dat is voor iemand die geen astronaut is op zich best wel knap. Ik vind André Kuipers dan ook een leuke man maar hij maakt het zichzelf wel erg moeilijk. Jarenlange voorbereiding, oefenen in zweven en het eten van zweefvoedsel. En als de dag van vertrek dan eindelijk daar is lukt het niet zonder enorme raketten. Wat een gedoe!

Ik verstond de kunst om zonder te vertrekken toch te reizen. Heb in die tijd dan ook vele gesprekken gevoerd met geïnteresseerde Tibetaanse monniken. Die gesprekken liepen uiteindelijk vast omdat men mij niet meer kon volgen. Mijn taalgebruik was per planeet te verschillend. De echte reden waarom mijn kunst nooit in boekvorm is verschenen was omdat de Tibetanen mijn brandstof niet duurzaam vonden. Tja en dan kan je het bij bergbewoners natuurlijk wel schudden.

Vervolgens heb ik toen nog een tijdje bezoek gehad van een Indiaans opperhoofd. Grote Adelaar was zijn naam. Het opperhoofd was al op leeftijd en was het vele uren op een paard zitten meer dan zat. Het leek hem dan ook ideaal om vanuit zijn tipi toch over de prairie te kunnen vliegen. Omdat zijn vuurwater veel overeenkomsten met mijn drankje vertoonde was het vaak een dolle boel. Ik was binnen no time Grote Buffel en ik dacht dat het wel goed zat.

Tot we op een dag knallende ruzie kregen vanwege de vredespijp. En wel om de inhoud daarvan. Ik probeerde het opperhoofd uit te leggen dat je met zijn meegebrachte kruiden never nooit niet kunt vliegen. Niet als Grote Adelaar laat staan als Grote Buffel.

Toen ik er ook nog aan toevoegde dat zijn neus voor het eindresultaat ook niet geheel onbelangrijk zou zijn knapte hij van woede bijna uit zijn verentooi. Ik maakte met mijn handen snel twee hoorntjes op mijn hoofd om de boel als Grote Buffel nog een beetje te sussen. Het mocht niet baten.

Hij was woest! Wat ik wel niet dacht om de natuur te gaan vervangen voor chemische troep. Vuurwater was nog tot daar aan toe maar dat neusverhaal was toch een belediging van zijn voorouders. Of ik nu soms dacht dat hij als opperhoofd zijn naam ging veranderen in Groot Vliegtuig of Grote Raket! En hoe dat dan wel niet zou vloeken met de prairie!

Nog voordat ik wat kon zeggen had Grote Adelaar zijn paard al gebeld en zag ik hem vertrekken richting de Holty Mountains (Holterberg).

Als Grote Buffel stond ik hem Stokpaardjestijf (perplex) na te kijken.

Al snel was het vuurwater op en ging ik over op iets Russisch met verse jus. Hoewel ik nooit zoveel deed met de schijf van vijf vond ik vanwege het roken vitamine c op zijn tijd belangrijk. Ik ging al snel gestrekt en vloog via Polen richting Moskou. Boven het Kremlin hoorde ik plotseling mijn voordeur? Vashe Zdoróvje! Vashe Zdoróvje! Als geen ander wist ik dat die woorden proost betekenen. Ik schrok en keek in de verte naar beneden. Wat nu weer?

Vaag herkende ik Poetin in de man voor mijn voordeur. Poetin was toen nog geen President maar wel mooi lid van de KGB! Oftewel de geheime dienst van Rusland! Asjemenou! zou Loeki gezegd kunnen hebben. Ik was in een keer nuchter en liet mij uit de wolken midden in mijn kamer vallen. Ik kroop naar de voordeur en deed vrij moeilijk open. En daar stond geen Poetin maar de buurman. Met de vraag of ik nog lange vloei en een kerstboom had. Dat was een pak van mijn hart. Eindelijk een normaal iemand aan de deur.

Mijn contact met professor Barabas was in die tijd van korte duur. De beste man wilde mij even wijzen op het feit dat hij het patent op de teletijdmachine had en ik dus niet. Heb hem toen uitgelegd dat ik geen machines nodig had omdat het allemaal in mijn hoofd zat. De professor vond dit prima en ging weer weg. Nadat ik gezegd had dat hij de groetjes aan Suske moest doen. En Wiske daarbij niet moest vergeten. Tja je wist het nooit met die verstrooide professoren.

Tot slot heb ik ook clown Bassie nog aan de deur gehad. Hij wilde iets met trapeze springen. Ik heb Bassie nooit gemogen dus Bassie had pech. Ik zweefde vanuit mijn stoel richting de voordeur om open te doen. Na zijn tenenkrommend maar opgewekte Adriaantje! keek ik hem diep in de ogen en zei: HORRORRRRRRRRRRRRRRRR … … en weg was Bassie.

Pietepietepietepietepietepietepietepiet hoorde ik nog in het trappenhuis.

Je zult je nu waarschijnlijk afvragen waarom ik dit allemaal vertel.

Ik vertel deze anekdotes om aan te geven dat je in een halve eeuw natuurlijk best wel het een en ander kunt meemaken.

Groetjes

Abraham  (heerlijk … al die waanzin)

(Ze zijn ongezouten grappig … dus lekker flauw)

De twee chromosomen:

X: Ik ben vandaag jarig.

Y: Vijftig of niet?

X: Niet.

Y: ?

 

 

 

Reacties